
Wie van Kortrijk naar Rijsel rijdt, merkt de grens amper op. Dat is geen toeval. Rijsel was eeuwenlang een stad van het graafschap Vlaanderen, eerst onder de Vlaamse graven en daarna onder de Bourgondische hertogen en de Spaanse koningen. Pas in 1667 veroverde de Franse koning Lodewijk XIV de stad.
Ruim 350 jaar later zie je dat Vlaamse verleden nog overal: in de gevels, de namen, de reuzen en op je bord. Eén kanttekening: de meeste Rijselaars spraken ook toen al geen Nederlands, maar een Picardisch dialect. Rijsel lag in Waals-Vlaanderen, het Romaanstalige deel van het graafschap. Hier zijn tien bewijzen dat de stad Vlaamser is dan je denkt.
1. De naam Rijsel betekent ‘het eiland’
Lille komt van l’Isle, ‘het eiland’. De stad ontstond op een droog stuk grond tussen de moerassen van de Deûle. Het Middelnederlands vertaalde dat letterlijk naar ijssel, een eilandje. Uit ‘ter IJssel’ groeide ‘te Rijsel’: de r van ‘ter’ plakte gewoon vast aan de naam.
Let maar eens op de verkeersborden in Vlaanderen: daar staat geen Lille, maar Rijsel.
2. Lydéric en Phinaert: de reuzen van de stichtingslegende
Volgens de legende werd prins Salvaert rond het jaar 620 in de Vlaamse bossen vermoord in een hinderlaag van de reus Phinaert. Zijn zoon Lydéric groeide op bij een kluizenaar. In 640 daagde hij Phinaert uit tot een duel en won. Op de gronden van de verslagen reus zou later Rijsel groeien.
Historisch bewijs is er niet, maar de twee staan vandaag nog aan de voet van het belfort, gebeeldhouwd door Carlo Sarrabezolles. Ook de reuzentraditie deelt Rijsel met Vlaanderen: er trekken nog altijd reuzen door de straten, net als in Dendermonde, Mechelen of het nabije Cassel. UNESCO erkent de processiereuzen en draken van België en Frankrijk sinds 2005 als immaterieel erfgoed.
3. Hospice Comtesse: het ziekenhuis van een Vlaamse gravin
In 1237 stichtte Johanna van Constantinopel, gravin van Vlaanderen, een hospitaal in Rijsel. Na een brand werd de grote ziekenzaal tussen 1468 en 1472 heropgebouwd, en die staat er nog. Wie het Sint-Janshospitaal in Brugge kent, voelt zich hier meteen thuis.
Vandaag is het een museum met Vlaamse schilderijen uit de 17de eeuw, wandtapijten en een keuken vol tegels in Rijsels faience.
Praktisch: Rue de la Monnaie 32. Maandag 14-18 u, woensdag tot zondag 10-18 u, dinsdag gesloten. Ticket 5 euro, gratis met de Lille City Pass.
4. Palais Rihour: een Bourgondisch paleis
In 1453 liet Filips de Goede, hertog van Bourgondië, een paleis bouwen in Rijsel. Dezelfde Filips heerste ook over Brugge, Gent en Brussel. Op 17 februari 1454 gaf hij in Rijsel het legendarische Feest van de Fazant, waar ridders zwoeren op kruistocht te gaan.
Van het paleis bleven alleen de kapel, de 15de-eeuwse trap en de wachtzaal over. Het is een van de weinige stukken flamboyante gotiek in de stad.
Tip: in het Palais Rihour zit nu de toeristische dienst van Rijsel (elke dag 10-17.30 u). Een ideaal startpunt voor deze wandeling.
5. Porte de Gand: de poort naar Gent
De naam zegt het al: hier vertrok de weg naar Gent. De poort werd begin 17de eeuw gebouwd, toen Rijsel onder Spaans bewind stond, en heette eerst Porte de la Madeleine. Bekijk zeker de stadskant: rode baksteen in visgraatmotief onder een hoog schilddak.
Na de Franse verovering versterkte Vauban de poort nog. Tot 1963 reed er zelfs een tram door. Ze staat aan het einde van de Rue de Gand, een straat vol estaminets (zie bewijs 9).
6. Vieille Bourse: Vlaamse renaissance op de Grand-Place
De Rijselse kooplui vroegen de Spaanse koning Filips IV om een eigen handelsbeurs. Architect Julien Destrée bouwde ze in 1652 en 1653: 24 huizen rond een binnenplaats, rijk versierd in Vlaamse renaissancestijl. Zoek boven de poorten de Vlaamse leeuwen; ze zitten er nog.
Op de binnenplaats verkopen bouquinisten elke namiddag van dinsdag tot zondag oude boeken, prenten en affiches. Er wordt geschaakt, en op zomerse zondagavonden dansen koppels er de tango.
7. De citadel: hier werd Rijsel Frans
In 1667 veroverde Lodewijk XIV de stad na een beleg. Meteen daarna liet hij zijn vestingbouwer Vauban een citadel bouwen: een ster met vijf bastions, tussen 1667 en 1670 opgetrokken met zo’n 60 miljoen bakstenen. De Vrede van Aken maakte de annexatie in 1668 officieel.
De ‘koningin der citadellen’ is nog altijd een militaire basis. Binnen kom je alleen tijdens rondleidingen van de toeristische dienst, maar het park eromheen is vrij toegankelijk.
8. Het belfort: UNESCO-familie van Brugge en Gent
Het belfort van het stadhuis lijkt oud, maar dateert van 1924-1932. Architect Émile Dubuisson bouwde het na de Eerste Wereldoorlog en haalde zijn inspiratie bij de Vlaamse puntgevels. Met 104 meter noemt Rijsel het het hoogste burgerlijke belfort van Europa.
Sinds 2005 staat het op de UNESCO-lijst ‘Belforten in België en Frankrijk’, samen met onder meer de belforten van Brugge, Gent en Kortrijk. Aan de voet staan Lydéric en Phinaert (bewijs 2).
Praktisch: dinsdag tot zondag, 10-13 u en 14-17.30 u. Ticket 9 euro (reductie 7,50 euro); het bezoek van 10 u kan alleen met reservatie via Lille Tourisme. Er is een lift. Metro 2, halte Mairie de Lille.
9. Estaminets: Vlaams eten in een Vlaamse kroeg
Een estaminet is het klassieke volkscafé van Frans- en Belgisch-Vlaanderen, met stevige streekkeuken. Op de kaart staan carbonade flamande (stoofvlees met bier) en potjevleesch, letterlijk ‘potje vlees’: koud wit vlees in gelei. Daarnaast vind je welsh, een klassieker uit het Noorden met gesmolten cheddar, bier en brood. Sluit af met een bistouille: koffie met een scheut jenever.
Een estaminet waarvan de naam alles zegt? ‘t Rijsel zit in de Rue de Gand 25, vlak bij de Porte de Gand, en staat in de Gault&Millau-gids van 2026. Meer adressen vind je in onze Top 10 restaurants in Lille.
10. De Braderie: een Vlaams woord voor een wereldberoemde rommelmarkt
Elk eerste weekend van september verandert Rijsel in een reusachtige rommelmarkt met miljoenen bezoekers. De naam komt van het Vlaamse werkwoord ‘braden’. De traditie wil dat je er mosselen met frieten eet. Restaurants stapelen de lege schelpen op tot hoge bergen voor de deur.
De editie van 2026 viel op 5 en 6 september. Plan je 2027? Reken op het eerste weekend van september en check de officiële datum bij de stad.
Maak er een wandeling van
Alle plekken liggen op wandelafstand van elkaar. Deze route is zo’n 4 à 5 kilometer:
- Belfort en stadhuis (metro Mairie de Lille)
- Palais Rihour
- Vieille Bourse
- Hospice Comtesse
- Rue de Gand en estaminet ‘t Rijsel
- Porte de Gand
- De citadel en het park eromheen
Reken op een halve dag met bezoeken, of een hele dag met een lange lunch in een estaminet. Vanuit België rijden er rechtstreekse treinen vanuit Kortrijk (37 minuten) en Doornik (28 minuten). Vanuit Brussel-Zuid brengt de TGV je in 35 minuten naar Lille-Europe.
Vlaams tot op het voetbalveld
Rijsel werd in 1667 Frans, maar het Vlaamse DNA is nooit verdwenen. Dit seizoen draagt zelfs LOSC de Vlaamse leeuw op zijn vierde shirt. Lees er alles over in The Flemish Lion on Lille’s Chest. Zin in meer geschiedenis? Wandel verder met A Stroll Through History: Vieux Lille.
